05:02
29 november 2020

Mijn agenten hebben het te druk voor hun werk

„En het echte seizoen, de grote drukte, moet nog beginnen”, zegt Pieter-Jaap Aalbersberg. De Amsterdamse hoofdcommissaris zit in zijn werkkamer op het hoofdkantoor aan de Marnixstraat. Hij heeft net opgesomd wat er zoal van zijn politiemensen wordt gevraagd. Het staatsbezoek van de Argentijnse president. Ajax-Feyenoord. „Het aantal evenementen was enorm: 74 in een periode van acht weken. En 4/5 mei moet nog komen, Koningsdag moet nog komen.”

Hij wijst op de lijsttrekkersdebatten voor de verkiezingen. Die moesten allemaal worden beveiligd. Veel daarvan werden in Amsterdam gehouden. Aalbersberg noemt dat „de hoofdstadfactor”: dingen die in Amsterdam gebeuren omdat Amsterdam nu eenmaal de hoofdstad is. Een staatsbezoek, natuurlijk. Maar ook „verwarde mensen”, zegt hij, zoeken de hoofdstad op omdat het de hoofdstad is. Handenvol werk.

Allemaal werk waarvoor gewone agenten worden ingezet. Agenten die dan niet hun ronde kunnen doen in Amsterdam-Noord. Agenten die ’s avonds niet kunnen controleren of fietsers met licht rijden. Agenten die de aangifte van een inbraak moeten wegleggen – soms zelfs terwijl het slachtoffer een vermoeden heeft wie de dader is. „Wij hebben de grens bereikt”, zegt de hoofdcommissaris.

Lees verder via het

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *