Het kabinet heeft deze Prinsjesdag op het eerste gezicht geen grote verrassingen voor het primair onderwijs. Zo heeft ook de heetste zomer ooit er niet toe geleid dat het Gemeentefonds extra budget krijgt voor snellere vernieuwing of renovatie van de schoolgebouwen.
Weliswaar groeit het fonds het komende begrotingsjaar met 1,3 miljard euro door tot 49,9 miljard euro, maar vervolgens gaat het mes erin. In 2031 is het fonds waaruit niet alleen schoolgebouwen maar bijvoorbeeld ook de jeugdzorg en het cultuurbeleid wordt betaald teruggesnoeid tot 45,8 miljard euro. Voorzitter Freddy Weima van de PO-Raad: “In de praktijk krijgen gemeenten nu al minder dan ze nodig hebben om al hun taken goed te doen. Houd ik het bij onderwijshuisvesting, dan is bijvoorbeeld bekend dat het rijk jaarlijks – al jaren – 1,3 miljard euro te weinig investeert in vervanging en renovatie. Dat is een conservatieve schatting.”
Gevolg is dat collega’s met leerlingen aan het werk gaan in gemankeerde gebouwen. Dat heeft enorme gevolgen voor de kwaliteit. Weima: “Dat kwam kraakhelder aan het licht bij de tropenroosters van deze zomer. Probeer maar eens les te geven of te krijgen in een gebouw waar het een graad of 30 is en niet koeler te krijgen is. Ik snap best dat dit kabinet het niet in de komende drie jaar oplost, maar helaas lijkt het erop dat dit probleem wordt doorgeschoven. Het is in wezen hetzelfde als met het wegennet of het waterbeheer: vervanging en onderhoud zijn kostbaar, maar dat betekent niet dat je het niet moet doen.”
De tijdelijke opleving en de daaropvolgende kortingen op het Gemeentefonds wijzen er echter niet op dat het kabinet-Jetten de noodzakelijke investeringen in de schoolgebouwen aan het inplannen is. Weima: “Als je rekening houdt met het gegeven dat alle taken die de gemeenten uitvoeren door inflatie duurder worden, zie ik die extra middelen niet in het uiteindelijk krimpende fonds terug.”
Bezuinigingen teruggedraaid, maar investeringen uitgesteld
Op de begroting van ‘ons eigen’ ministerie van OCW zijn de bezuinigingen van het kabinet-Schoof weliswaar grotendeels teruggedraaid met een investering van 668 miljoen euro extra, maar voor 2027 wordt met het geld voor het funderend onderwijs eerst een eerder door OCW gemaakte fout gerepareerd. Omdat het kabinet de eenmalige meerkosten blijkbaar niet uit algemene middelen wil betalen, worden investeringen in het onderwijspersoneel uitgesteld tot 2028. Daardoor wordt er komend jaar slechts 3,7 miljoen euro extra geïnvesteerd in bijscholing van onderwijspersoneel.
Beheersbare AI-omgeving
Om een veilige en beheersbare AI-omgeving in het funderend onderwijs te creëren, maakt het ministerie 10,7 miljoen euro vrij. Daarmee wordt mogelijk dat onderwijsorganisaties zelf de regie houden over welke Artificiële Intelligentie ze inzetten en onder welke voorwaarden. Financiering gaat lopen via Kennisnet. Weima: “We hebben hiervoor gepleit in de gesprekken over het regieplan digitalisering funderend onderwijs. Fijn dat het ministerie dezelfde richting op denkt.”
Meer geld voor zij-instromers
Gelukkig wordt er wel extra geld gestoken in de zij-instromersregeling en krijgt het funderend onderwijs daar in 2027 79,3 miljoen euro extra voor. Weima: “Een goede zaak. Zij-instromers zijn ontzettend belangrijk in de strijd tegen het lerarentekort, maar de subsidieregeling is nu te schraal: 25 duizend euro per zij-instromer, terwijl het een onderwijsorganisatie al snel driemaal dat bedrag kost. Het is goed dat het rijk dat nu ook inziet.”
“De scholen die er het meest geschikt voor zijn hebben doorgaans nauwelijks personeelstekort en kunnen mensen inzetten voor de begeleiding. Dat doen ze graag, maar als ze zelf een halve ton per zij-instromer moeten bijleggen kan het gaan schuren. Gelukkig ziet het rijk dat ook en wordt er een mouw aan gepast, ook via de SLIM-subsidie van Sociale Zaken, die tot 40 procent van de opleidingskosten vergoedt. Dan zijn onderwijsorganisaties wel weer regelingen aan het stapelen. Kan efficiënter, maar je ziet hier gewoon goede wil bij het kabinet.”
Stijging kinderopvangtoeslag afgeremd
Het ministerie van Sociale Zaken heeft voor het primair onderwijs meer relevant nieuws: de opwaardering van de kinderopvangtoeslag wordt komend jaar nog niet opgehoogd. Het idee dat de kinderopvangtoeslag (voor werkende ouders) gaandeweg zou worden opgehoogd tot het in 2029 bijna gratis is, is daarmee vanwege verschuivingen op de begroting losgelaten. In plaats daarvan is het nu de bedoeling dat ouders de komende jaren meer blijven betalen en in 2029 in één keer te maken krijgen met bijna gratis kinderopvang.
Weima maakt zich zorgen over dit besluit: “Het langzaamaan opvoeren van de kinderopvangtoeslag is nodig om te voorkomen dat de vraag naar pedagogische professionals explodeert zodra de kinderopvang in 2029 bijna gratis wordt voor werkende ouders. Het maakt het moeilijker voor de kinderopvangsector en de kindcentra om op tijd voldoende mensen te werven en op te leiden.”
Lees verder via poraad.nl
Op 4 november is de nieuwe editie van de jaarlijkse Nationale Directeurendag Kinderopvang & Basisonderwijs, NDKB 2026, deze keer over het samen werken aan kwaliteit en maatschappelijk rendement. Georganiseerd door het Haags Congres Bureau en met bijdragen door onder meer Dorien Vader (Blosse), prof. dr. Jochen Devlieghere (Universiteit Gent), prof. dr. Paul Leseman (Universiteit Utrecht), Karen Strengers (BMK), Corné Verhees & Femke Verhaaren (Atalenta) en Kelly Libregts (uw dagvoorzitter). Meer info en de inschrijfmogelijkheid vindt u op de website van het Haags Congres Bureau.