04:38
26 april 2019

Hacken als opsporingsbevoegdheid, de zoektocht naar een ‘fair balance’ tussen opsporing en privacy

Hacken als opsporingsbevoegdheid, de zoektocht naar een ‘fair balance’ tussen opsporing en privacy

De opkomst van de personal computer in de jaren ’80, het internet vanaf de jaren ’90 en de smartphones en tablets in het nieuwe millennium hebben voor de samenleving een nieuwe wereld aan mogelijkheden geopend, waarvan de voordelen voor iedereen binnen die samenleving duidelijk zijn. Helaas komen de ontwikkelingen echter niet enkel ten goede aan degenen die via sociale media de contacten met hun familie en vrienden onderhouden, graag online winkelen of zich tegoed doen aan de vele informatieve en entertainment websites die het internet rijk is. De ‘donkere’ kant van de samenleving wil eveneens zijn voordeel doen met de nieuwe mogelijkheden. Cybercriminaliteit en kinderporno zijn dankzij de technologische ontwikkelingen in opkomst, maar ook ‘klassieke’ criminaliteit maakt steeds meer gebruik van de mogelijkheden van de hedendaagse technologie om activiteiten te ondersteunen.Tegenover de technologische ontwikkelingen in de criminaliteit staat de vraag welke methoden de Nederlandse opsporingsdiensten hiertegen in kunnen zetten. Al lange tijd bestaan er bevoegdheden tot het doorzoeken van een plaats (mede) om computergegevens vast te leggen (tegenwoordig vastgelegd in artikel 125i Sv),1
om vanaf een computer op de doorzochte plaats onderzoek te doen in een elders aanwezig geautomatiseerd werk (‘netwerkzoeking’, artikel 125j Sv),2 en om telecommunicatie zoals e-mailverkeer af te tappen (artikel 126m Sv).

Lees verder via Radboud Universiteit – Hacken als opsporingsbevoegdheid

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *