Dit onderzoek betreft een verkenning van de mogelijkheden om de effectiviteit van de Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) te meten. De onderzoekers doen dit langs drie sporen: theoretisch, empirisch en evaluatief. In de eerste plaats worden in het onderzoek de mechanismen van het VOG-screeningsinstrument onderzocht op mogelijke werkzaamheid. Dit gebeurt door een reconstructie van de beleidstheorie achter de VOG en een beschrijving van het beleidskader. Daarnaast is de feitelijke uitvoering van de VOG-screening onderzocht. En tot slot, is onderzocht, of een meting van de effectiviteit van VOG-screening uitvoerbaar is, en op welke wijze deze meting vorm zou kunnen krijgen.
Op basis van deze wensen is de volgende probleemstelling geformuleerd:
Op welke wijze draagt de VOG Natuurlijke Personen – in theorie – bij aan de integriteit van kwetsbare sectoren in de Nederlandse samenleving? En, hoe kan dit empirisch worden getoetst?
Lees verder via WODC – Eens een dief, altijd een dief?

Hoeveel dagen opvang is ideaal? Expert: ‘Drie dagen opvang? Dat is echt niet te veel’
3 basisregels voor regie in de aanpak van polarisatie, radicalisering en extremisme: Impressie HCB Seminar De Veilige Gemeente 2026 – Deel 2
Hans Boutellier: Polarisatie als gemobiliseerde vijandigheid – Impressie HCB Seminar De Veilige Gemeente 2026



